Vlamings Agro Groep
Historie
Inloggen
Nieuws en Agenda
Winkel

Home Links Zoeken Contact
Aardbeien
Akkerbouw
Biologisch
Boomkwekerij
Fruitteelt
Kleinfruit
Openbaar Groen
Veehouderij
Vollegrondsgroenten
 
 Vanggewas

Als u maïs heeft geteeld op zand- of lössgrond, moet u een vanggewas telen. Vanaf 2010 worden de toegestane vanggewassen na de teelt van maïs op zand- en lössgrond uitgebreid. Naast gras, winterrogge, bladkool en bladrammenas mag u vanaf dan ook wintertarwe, wintergerst en triticale gebruiken als vanggewas. Het vanggewas na maïs is bedoeld om uitspoeling van stikstof in het najaar en de winter te voorkomen.

Dit betekent dat u het vanggewas na de oogst van maïs moet telen. Dit kan via onderzaai in de maïs of via zaaien na de oogst van de maïs. Het vanggewas mag u niet vernietigen voor 1 februari van het daaropvolgende jaar.

Algemene informatie
Ook na matige bemesting blijft bij de oogst van maïs veel stikstof in de bodem achter. Deze stikstof spoelt uit omdat er in de winter meer water valt dan verdampt. Grondwater kan daardoor meer stikstof gaan bevatten dan toegestaan. Vanggewassen kunnen dit helpen voorkomen. In het Nieuwe Mestbeleid is de teelt van een vanggewas na maïs op zand- en lössgrond verplicht. Vanggewassen moeten op een juiste wijze geteeld en beheerd worden om hun beoogde rol waar te maken.

Vergeleken met andere gewassen, vindt de oogst van maïs laat in het seizoen plaats. Op dat moment bepalen vooral temperatuur en straling of er na maïs nog iets wil groeien. Maïs moet dan ook tijdig geoogst worden om het vanggewas meer dan een 'groene waas' te laten worden. Een dag later oogsten verlaagt het stikstofvastleggende vermogen van een vanggewas met 1-2 kg per ha. Telers hebben veel invloed op het oogsttijdstip van maïs via rassenkeuze, plantdichtheid en zaaitijdstip. Zelfs bij een maïsoogst rond 15 september nemen vanggewassen gedurende herfst en winter toch niet meer dan 40-60 stikstof per ha op in bladeren en wortels samen. De bodem bevat hiervoor voldoende stikstof. Bij vertraging van de maïsoogst tot 1 oktober loopt de vraag naar stikstof terug tot minder dan 40 kg per ha. Een vanggewas is dan niet meer voor zijn taak berekend. Bemesting, toegestaan tot 1 september, geeft dan ook geen beter vanggewas en leidt alleen maar tot meer stikstofverlies.

De meest geschikte vanggewassen zijn Italiaans Raaigras en rogge. Tussen rassen binnen deze soorten bestaan slechts minieme verschillen in het vermogen om stikstof in boven- en ondergrondse delen vast te leggen. Indien u na de oogst van de maïs het perceel wilt inzaaien voor blijvend grasland is het aan te bevelen een vroegrijp maïsras te kiezen. Granen, al dan niet geoogst als gehele planten silage, vormen vanwege hun vroege oogst daarvoor een veel beter uitgangspunt.
De teelt van MKS, CCM of korrelmaïs verdraagt zich slecht met een effectief vanggewas: een onderzaai wordt teveel bedekt door het achterblijvende maïsstro, een nateelt loopt teveel vertraging op door het latere oogsttijdstip en de benodigde grondbewerking.

Wanneer het vanggewas in het voorjaar flink begint te groeien is het juiste moment aangebroken om het gewas te scheuren. Dat mag vanaf 1 februari, maar het is meestal in de maand maart. Belangrijk hierbij is dat de bewerking ervoor zorgt dat de groei stopt, dus de aansluiting met de ondergrond moet worden verbroken. Daarnaast is het belangrijk dat het vanggewas enigszins gemengd wordt met de bovengrond, hierdoor wordt de mineralisatie gestimuleerd. Het vanggewas met een lichte dosering glyfosaat doodspuiten is ook een optie, vooral als bewerken, door natte omstandigheden, niet mogelijk is.

De ervaring leert echter dat een vanggewas uit laten groeien, bemesten en oogsten vaak ten koste gaat van de opbrengst van de volgende maïsteelt. In elk geval worden zaai en oogst van deze maïs gemakkelijk verlaat waardoor de groeikansen van een volgend vanggewas onder druk staan. Daarnaast vergroot het verlate inploegen van de zode van het vanggewas de hoeveelheid onbenutte stikstof na de oogst van het desbetreffende maïsgewas. Het financiële gewin is, vaak al bij een lichte opbrengstderving van de maïs, nihil.

De verplichting om na maïs een vanggewas te telen komt volledig voort uit de noodzaak om stikstof beter te benutten. Dreigende opbrengstreducties als gevolg van het Nieuwe Mestbeleid kunnen zo worden beperkt. Vanggewassen leveren daarnaast een bijdrage aan de organische stofvoorziening van ca.500 kg effectieve organische stof per ha, vergelijkbaar met een gift van 15 m3 rundveedrijfmest per ha. Op slemp- en erosiegevoelige gronden zorgt een vanggewas bovendien voor een betere structuur van de bovenlaag. Ook neemt het vochthoudende vermogen en de draagkracht toe naarmate de lichte gronden meer organische stof bevatten. De verplichte teelt van een vanggewas na maïs geldt niet op kleigrond.


Terug

  
 
  

 

  
   

    Vlamings Steenbergen: Prins Reinierstraat 7-10, Tel.: +31(0)167 - 56 63 50 Vlamings De Mortel: Nachtegaallaan 29-31, Tel.: + 31(0)492 - 31 94 34    Disclaimer